Maak uw keuze

Loonkostenvoordeel voor lage lonen

Vanaf 2017 krijgen werkgevers die werknemers in dienst hebben – met een loon tussen 100% en 125% van het wettelijke minimumloon (WML) – een nieuwe tegemoetkoming: het lage-inkomensvoordeel (LIV). Voor de LIV gelden de volgende voorwaarden:

  • Het gemiddelde uurloon van de werknemer bedraagt minimaal € 9,66 per uur en maximaal € 12,08 per uur voor iemand van 22 jaar of ouder.
  • Er is sprake van een substantiële baan (minimaal 1248 verloonde uren per kalenderjaar).
  • De werknemer is verzekerd voor de werknemersverzekeringen.
  • De werknemer heeft de AOW-gerechtigde leeftijd nog niet bereikt.

Wat betreft de verloonde uren gaat het om alle uitbetaalde uren, dus ook uren waarvoor niet gewerkt wordt. Denk aan betaald verlof, ziekte, overwerk en uitbetaalde verlofuren.

Het LIV is ook van toepassing op werknemers jonger dan 23. Zij moeten dan echter wel een gemiddeld uurloon hebben van minimaal € 9,66 en maximaal € 12,08 per uur.

 

Hoe hoog is het LIV?

Het LIV wordt vormgegeven als een vast bedrag per verloond uur met een vast bedrag als jaarmaximum, volgens de volgende tabel.

Gemiddeld uurloon SV over 2017LIV per werknemer per verloond uurMaximale LIV per werknemer per jaar (bij een 38-urige werkweek)
€ 9,66 of meer, maar niet meer dan € 10,63€ 1,01 per uur€ 2.000
Meer dan € 10,63 maar niet meer dan € 12,08€ 0,51 per uur€ 1.000

Voor de tegemoetkoming is het van belang dat u het uurloon binnen de marges houdt.

U hoeft geen apart verzoek te doen voor het LIV. Het LIV wordt automatisch vastgesteld aan de hand van de in uw loonaangifte aanwezige gegevens.

Let op!

Het LIV geldt al vanaf 2017, maar wordt uiteindelijk pas na 1 augustus 2018 aan de werkgever uitgekeerd. Houd er dus rekening mee dat u het loonkostenvoordeel 2017 pas in de tweede helft van 2018 daadwerkelijk ontvangt.

 

Nieuw vanaf 1 januari 2018: jeugd-LIV.

De nieuwe tegemoetkoming komt er, omdat er met ingang van 1 juli 2017 een aantal dingen zijn veranderd in de Wet minimumloon en minimumvakantiebijslag:

  • Het reguliere wettelijke minimumloon gold tot 1 juli 2017 voor werknemers van 23 jaar en ouder. Vanaf 1 juli 2017 geldt dat voor werknemers van 22 jaar en ouder.
  • Het wettelijke minimumjeugdloon voor werknemers van 18, 19, 20 en 21 jaar is vanaf 1 juli 2017 omhooggegaan.
  • Geldt niet voor BBL-ers met minimum jeugdloon.

Dat betekent extra loonkosten voor werkgevers.

Daarom krijgt u vanaf 1 januari 2018 het jeugd –LIV voor werknemers die aan de voorwaarden voldoen.

Voor de jeugd-LIV gelden de volgende 3 voorwaarden:

  • De werknemer is verzekerd voor de werknemersverzekeringen.
  • De werknemer heeft een gemiddelde uurloon dat hoort bij het wettelijke minimumjeugdloon voor zijn leeftijd. De precieze bedragen voor de verschillende leeftijden moeten nog worden vastgesteld
  • De werknemer is op 31 december 2017 18, 19, 20 of 21 jaar.

Er is voor de jeugd-LIV geen uren criterium van toepassing.

 

Hoe hoog is het jeugd-LIV?

Leeftijd op 31 december 2017Jeugd-LIV per werknemer per verloond uurMaximale jeugd-LIV per werknemer per jaar
18

 

€ 0,23 per uur€ 478,40
19

 

€ 0,28 per uur€ 582,40
20

 

€ 1,02 per uur€ 2.121,60
21

 

€ 1,58 per uur€ 3.286,40

U hoeft geen apart verzoek te doen voor het jeugd-LIV. Het jeugd-LIV wordt automatisch vastgesteld aan de hand van de in uw loonaangifte aanwezige gegevens.

Let op!

Het jeud-LIV geldt vanaf 2018, maar wordt uiteindelijk pas na 1 augustus 2019 aan de werkgever uitgekeerd. Houd er dus rekening mee dat u het loonkostenvoordeel 2018 pas in de tweede helft van 2019 daadwerkelijk ontvangt.


Delen via Social Media