Maak uw keuze

Wet Werk en Zekerheid

11 dec 2014

In de  wet Werk en Zekerheid worden diverse aanpassingen in het recht en sociale zekerheid doorgevoerd. Hieronder informeren wij u welke wijzigingen ingaan per januari 2015.

Aanzegtermijn

Met ingang van januari 2015 geldt dat bij afloop van contracten voor bepaalde tijd van zes maanden of langer u als werkgever een aanzegtermijn heeft.
Dit houdt in dat uiterlijk één maand voor het einde van de arbeidsovereenkomst u de werknemer schriftelijk dient te informeren over het al dan niet voortzetten van de arbeidsovereenkomst, en bij voortzetting: over de voorwaarden waaronder voortzetting plaatsvindt.
Doet u dit niet, of te laat, dan bent u aan uw werknemer een vergoeding verschuldigd ter hoogte van het salaris over de periode dat u te laat bent (ten hoogste een maandsalaris dus).

Voor de goede orde: voor contracten die in de maand januari 2015 aflopen geldt dit niet.
Er geldt geen aanzegtermijn indien het contract niet op een vaste datum eindigt, bijvoorbeeld als het is aangegaan voor de duur van een bepaald project of voor ziektevervanging.

Proeftijd (BW art. 7:652)

Bij contracten voor bepaalde tijd met een contractduur van 6 maanden of korter is geen proeftijd toegestaan.
Aan de duur van de proeftijd verandert niets. Bij contracten tot twee jaar mag deze maximaal één maand zijn en bij contracten van twee jaar of langer en onbepaalde tijd mag deze maximaal twee maanden zijn (mogelijke afwijkingen in de cao daargelaten).

Regelingen in lopende cao’s blijven geldig tot het einde van de looptijd van die cao, maar tot uiterlijk juli 2016.

Concurrentiebeding (BW art. 7:653)

In een contract voor bepaalde tijd kan deze alleen nog worden opgenomen indien in het contract gemotiveerd wordt dat zwaarwichtige bedrijfs- of dienstbelangen een concurrentiebeding vereisen. Ontbreekt de motivering dan is het beding niet geldig (nietig).

Een rechter kan – op verzoek van de werknemer – het beding vernietigen indien hij van mening is dat de noodzaak voor een concurrentiebeding niet voldoende onderbouwd is.

Voor contracten die voor 1 januari 2015 tot stand zijn gekomen blijft het oude wetsartikel van toepassing.

Oproepcontracten

Met ingang van 1 januari 2015  blijft het mogelijk de afspraak – geen arbeid, geen loon – in de eerste 6 maanden van de arbeidsovereenkomst op te nemen. Dit betekent dat in de eerste 6 maanden van een arbeidsovereenkomst mag worden afgesproken dat u geen loon hoeft te betalen als de werknemer niet werkt. Op deze regel zijn veel oproepcontracten gebaseerd; het loon hoeft alleen te worden betaald als de oproepkracht ook daadwerkelijk komt werken.

Als deze afspraak niet wordt gemaakt, of als de termijn waarvoor deze afspraak geldt is afgelopen, dan dient u als werkgever – als de oproepkracht bijvoorbeeld niet werkt omdat er geen werk voorhanden is – wel gewoon loon door te betalen.

Tot 1 januari 2015 was het mogelijk om in cao’s af te wijken van deze termijn van 6 maanden. Maar de mogelijkheid om die termijn bij cao te verlengen wordt vanaf 1 januari 2015 ingeperkt. Het verlengen van de termijn zal na 1 januari 2015 alleen nog mogelijk zijn voor specifieke functies die incidenteel van aard zijn. Regelingen in lopende cao’s blijven geldig tot het einde van de looptijd van die cao, maar tot uiterlijk juli 2016.


Delen via Social Media